Hypotheekrenteaftrek
Hypotheekrenteaftrek is in Nederland een voordeel in de belasting voor bezitters van een eigen woning. In de Wet op de inkomstenbelasting 2001 wordt geregeld dat betaalde rente over dehypotheek van de eigen woning kan worden afgetrokken van het belastbaar inkomen in de inkomstenbelasting in box 1. De regeling bestaat in gewijzigde vorm al sinds 1893. De aftrek is ten hoogste voor 30 jaar van kracht, een beperking die in 2001 werd aangebracht. Voor diegenen die reeds voor 1 januari 2001 hypotheekrente aftrokken, blijft echter de rente tot 1 januari 2031 aftrekbaar.
De hypotheekrenteaftrek is ingesteld om het eigen woningbezit te stimuleren, door de aanschaf van een koopwoning voor meer mensen mogelijk te maken.[1] Tot 1 januari 2004 was de hypotheekrente onbeperkt aftrekbaar. Sinds die datum is de bijleenregeling van kracht, waardoor overwaarde die ontstaan is ten gevolge van verkoop van een huis gebruikt moet worden voor de nieuwe hypotheek. De resulterende hypotheekaftrek is daarmee lager. Het eigenwoningforfait is komen te vervallen voor eigenwoningbezitters zonder hypotheekrenteaftrek.
In de Nederlandse politiek is de hypotheekrenteaftrek omstreden: het H-woord gold lange tijd als een politiek taboe, en is dat nog steeds voor sommige politieke partijen, zoals het CDA(breekpunt in de formatie 2007) en de VVD. De aftrekpost zou volgens voorstanders van (gedeeltelijke) afschaffing op termijn niet meer op te brengen zijn. De verminderde inkomsten op de Nederlandse overheidsbegroting vanwege de hypotheekrenteaftrek bedroegen €7 miljard in 2004 en €10 miljard in 2005. Bij een mogelijke beperking van de hypotheekrenteaftrek zijn starters op de woningmarkt naar verluidt huiverig om netto ineens fors meer te moeten gaan betalen. Het tegenargument is dat deze angst niet terecht hoeft te zijn, afhankelijk van de wijze waarop de renteaftrek wordt beperkt (maximering aftrekbaar bedrag of beperking rentepercentage). Het effect is wellicht van tijdelijke aard. De verwachting is dan dat op de langere termijn de huizenprijzen minder snel zullen stijgen of zelfs zullen dalen als de hypotheekrenteaftrek afgeschaft wordt, hetgeen in het voordeel is van starters en andere kopers van een woning.
